Het in barokstijl ontworpen altaar toont in het midden een Pieta, aan de evangeliezijde, voor de voor het altaar staande kijker dus links, de plaatsheilige, St. Blasius, met twee boven elkaar gekruiste kaarsen en hem tegenover een nauwelijks bekende heilige St. Quintinus, aan wie de plaats St. Quentin in Frankrijk zijn naam te danken heeft. De als helper tegen waterzucht vereerde heilige drukt in de Oderter weergave zijn door een pijl doorboorde handen op zijn hoofd.
De kapel met vier eenvoudige ramen en een kleine raamopening in het galerij- of torengebied boven de ingang heeft een gesloten altaarruimte zonder eigen lichtinval. Aangezien de klokken voor oorlogdoeleinden moesten worden afgestaan, ontving Odert in 1948 twee nieuwe klokken, die in dezelfde opmaak naast elkaar hangen. Onder een eikenloofornament verraden beide hun afkomst en hun wijding luidt: „Gegoten onder H. H. Pfr. Thome in Hunolstein voor filiaalkerk Odert, 1948.”
Ontleend aan Stefan Kritten (red. Gemeente Morbach), Spoorzoektocht - tussen Hunolstein en Baldenau, november 1997