300 jaar Romeinse cultuur en geschiedenis aan de oevers van de rivier Nahe! In een rustieke omgeving toont de tentoonstelling opgravingsvondsten van een kolossale paleisvilla uit het Romeinse "cruciniacum", die ooit op de plaats van het museum heeft gestaan. De tentoonstelling presenteert de luxe van welvarende Romeinen aan de Rijngrens van het Romeinse Rijk. Centraal staan twee prachtige mozaïekvloeren (gladiatorenmozaïek, Oceanusmozaïek), godenbeelden, grafmonumenten, glaswerk en gebruiksvoorwerpen.
Direct naast de Romeinse hal liggen de begaanbare en daarmee vandaag de dag nog in hun dimensie ervaarbare architectonische resten van een Romeinse luxe villa uit de 2e eeuw na Christus, die een uitstekend voorbeeld is van Romeinse villa-architectuur ten noorden van de Alpen. Onder de exposities uit deze villa hebben de twee bijna volledig bewaarde mozaïekvloeren, die dateren uit de 3e eeuw na Christus, een bijzondere waarde. Het ca. 58 m² grote gladiatorenmozaïek was verwarmd - de onder het mozaïek liggende antieke vloerverwarming toont indrukwekkend de constructie van deze installatie. De levendige, in dramatische opbouw aangelegde beeldvelden van het gladiatorenmozaïek tonen het scenario in een amfitheater: dierengevechten, bestiariergevechten en de tweekampen van de gladiatoren. Het 68 m² grote Oceanusmozaïek komt uit de centrale representatieruimte van de villa. Dominant in beeld is de zeegod, geflankeerd door twee hippokampen (zeepaardjes). Zijn heerschappij wordt gesymboliseerd door allerlei gedetailleerd afgebeelde zeedieren en een mediterrane kustlandschap met architecturen en scenische weergaven van schepen en handelaren. Het midden van de ruimte siert een met marmer bekleed waterbekken met marmeren krater, dat op basis van opgravingsvondsten is gereconstrueerd. Een gedeeltelijk bewaarde inscriptie maakt een datering in het jaar 234 na Christus mogelijk.
De soldatengrafstenen van Bingerbrück
De grafstenen van de soldaten uit het grafveld van Bingerbrück behoren naast de mozaïekvloeren tot de belangrijkste vondsten in de Romeinse hal, want ze geven belangrijke informatie over de Romeinse militaire geschiedenis. Met hun bijna levensgrote portretten geven ze een realistisch beeld van de auxiliairsoldaten (hulptroepen), die als versterking van de legers of als lichtbewapende speciale eenheden werden geworven. Haarstijl, kleding en bewapening zijn door de steenhouwer gedetailleerd weergegeven, in de oudheid kwam daar nog een verduidelijkende kleurstelling bij.
De inscripties vermelden naast de namen van de soldaten ook eenheid, dienstjaren en leeftijd, evenals de herkomst: Dalmatië, Pannonië, de Fenicische stad Sidon en het eiland Kreta, dus voornamelijk oostelijke gebieden van het Romeinse Rijk.
De stationering van Romeinse militaire troepen in Bingen is tot nu toe slechts door deze soldatengrafstenen en andere keizerlijke inscriptiestenen bewezen, het archeologische bewijs van het vroeg-keizerlijke castellum staat nog uit.